|
Hoe oefent u voor Bartjens Rekendictee? Telt u schaapjes? Rekent u uit hoeveel extra euro’s u deze keer bij de benzinepomp moet betalen? 23.000 mensen doen daar niet aan mee. Zij vinden namelijk elke ochtend een link in hun mailbox naar de site www.rekenbeter.nl. De officieuze oefensite voor Bartjens. Door Bas Robben Rekenen leert u op de basisschool. Daar hoeven de makers van de site www.rekenbeter.nl niet meer in te voorzien. Maar de rekenconditie verslechtert als u deze niet regelmatig onderhoudt. “Je moet elke dag oefenen,” vertelt initiator en eindredacteur Sieb Kemme uit Lettelbert, een dorp ten westen van Groningen. Rekenen is niet alleen een handigheid bij de uitverkoop, de benzineprijs of het huishoudboekje.„Het is ook leuk.” Zo leuk zelfs dat Kemme samen met zijn zoon GeertJan aan de keukentafel in hun woonboerderij op het Groningse platteland de website tot leven wekte. Vorig jaar april startten ze en al voor de zomervakantie rekenden zesduizend bollebozen mee. Nu staat dat aantal op 23.000. Wiskundige Sieb Kemme schrijft de sommen samen met nog drie andere mannen uit het wiskundecircuit: De Moor, Rijke en Uittenbogaard. Samen proberen zij het rekenniveau van Nederland iets op te krikken. De training van rekenbeter.nl bestaat elke dag uit vier opgaven: drie sommen en één doordenker. Die laatste lijkt veel op een Bartjensopgave, wellicht omdat sommenmaker De Moor ook meeschrijft aan het dictee. De doordenkers roepen veel discussie op getuige de reacties op het weblog. De oplossing van het raadsel volgt namelijk, in tegenstelling tot de drie sommen, de volgende dag. „Rekenaars speculeren de hele dag over de oplossing van de hersenkraker.” De opgaven zijn niet louter rekensommen. De dagelijkse test begint altijd met een opwarmertje. Die is voor elke deelnemer gelijk. De tweede en derde som verschillen per niveau. GeertJan Kemme: „Je stroomt op als je deze goed hebt. Je kunt zelf kiezen om naar een lager niveau te gaan.” Om het spannend te maken staat er ook een ranglijst op de site waarop louter rekenaars staan die alle sommen goed beantwoorden. “Want met 23.000 deelnemers draait het enkel nog om wie de snelste tijd neerzet.” Om daar een beeld van te krijgen: de aanvoerder van de lijst loste vijftien sommen op in 135 seconden. Vanaf 2014-2015 moet iedereen in het voortgezet onderwijs een rekentoets maken. „Halen leerlingen die niet, dan zakken ze,” weet Sieb Kemme. Zo’n test lijkt sterk op rekenmeetlat die op de pabo gehaald moet worden. Meer dan de helft van de deelnemers zijn student; waaronder ook veel leraren-in-opleiding. “Dag na dag, week na week, tot aan de dag van de rekentoets toe beantwoorden ze de opgaven. Halen ze die horde, dan zeggen ze dezelfde dag nog op. Bedankt voor de gratis training, ik heb de toets gehaald en zwaai hierbij af.” GeertJan Kemme heeft de bezoekersstatistieken geanalyseerd en kwam tot een conclusie die bevestigde wat hij verwachtte. „Gemiddeld genomen rekenen de deelnemers na 25 weken ruim twaalf procent beter dan bij aanvang.” Dat is alleen niet het enige opmerkelijke feit. Vmbo’ers scoren drie procent lager dan basisschoolleerlingen. “En, nog zorgelijker, is het verschil tussen universitaire geschoolden en hbo-afgestudeerden. De eerste groep heeft 86% van de opgaven goed terwijl hbo’ers 77% scoren.” |
|
| « terug | |



